Overzicht ontwikkeling stripboekproject

1974 en de daarop volgende jaren Willem de Vink begint op zijn zeventiende aan schetsen voor een stripboek over het leven van Jezus. De droom om een stripboek over Jezus te maken leeft, maar het tekenwerk en de inhoud zijn nog niet gerijpt.

1989 Willem en Marian de Vink richten stichting Wereldtaal op. Met de visie een stripboek over het leven van Jezus te maken dat in allerlei talen over de hele wereld gelezen kan worden. De strip is immers een wereldtaal.

1991 Willem stopt met zijn werk in de reclame en journalistiek om zich fulltime te wijden aan het maken van een stripverhaal over het leven van Jezus, getiteld Jezus Messias. Omdat geïnteresseerde uitgevers niet de visie delen dat het stripboek over de hele wereld gebruikt kan worden, ook als daar uit fondsen geld op toegelegd moet worden, besluit Willem zijn visie zelfstandig te realiseren. Het gezin leeft van giften.
De auteur werkt anderhalf jaar aan het schrijven en tekenen van vierenzestig pagina’s, waarbij hij zijn stijl sterk vereenvoudigt om het stripverhaal zo begrijpelijk mogelijk te maken voor zoveel mogelijk mensen in allerlei culturen. Hij gebruikt bijvoorbeeld klare lijnvoering, sterke lichaamstaal van de figuren, geen schaduwen en overbodige details, krachtig kleurgebruik. Voor de inhoud maakt hij een keuze uit de vier evangeliën om de boodschap zo sterk mogelijk over te laten komen.

1992 De visie klikt bij Oswin Ramaker van Proclama, die al jarenlang werkt met de film Jesus. Hij neemt de productie en coördinatie van het stripboek Jezus Messias op zich.

1993 Eerste oplagen Nederlands, Albanees, Engels, Frans. De Nederlandse editie verschijnt tijdens de Opwekking Pinksterconferentie, waar in drie dagen tijd 1000 boeken worden verkocht. Stichting Antwoord adopteert het project voor Albanië, Hongarije en Rusland. De Engelse versie wordt bekostigd uit een particuliere gift en dient als pilot voor andere vertalingen.

1994-1996 Er volgt veel media-aandacht. Willem verschijnt met zijn stripboek op televisie bij de NCRV, EO (bij Andries Knevel) en VARA (bij Sonja Barend). De organisatie Open Doors zet zich achter de Arabische en Farsi versie en Agapè, een andere christelijke organisatie, betrekt het stripboek bij evangelisatieacties voor Noord-Afrika. Sommige taaledities bereiken oplagen van enkele honderdduizenden.

1996 Agapè Nederland voert het door Willem de Vink geïnitieerde project Klas 2000 uit, in samenwerking met enkele andere christelijke organisaties. De visie is simpel. Waar vind je alle kinderen en jongeren? Op school. Dan moet daar het evangelie doorgegeven worden. Ruim 400.000 basisschoolleerlingen krijgen een stripboekje (A5 versie). Voor de nazorg worden 5 stappen naar Jezus Messias en Jezus Messias Dichtbij gerealiseerd, waar enkele tienduizenden exemplaren van op scholen worden gebruikt. Ook komt er een CD-ROM gemaakt, in samenwerking met Zoutewelle Multimedia.

1996-2000 Diverse nieuwe taaledities en herdrukken volgen. IBS Holland, International Bible Society Europe, het Nederlands Bijbel Genootschap en Wycliffe Bijbelvertalers zetten zich in voor de realisatie en verspreiding.

2001-2004 Volledige digitalisering gerealiseerd. Afronding CD-ROM als vertaalhulpmiddel. Met Wycliffe Bijbelvertalers wordt een overeenkomst gesloten met het oog op een strategische samenwerking om alle volken het evangelie in hun eigen taal aan te bieden.

2005 Wycliffe Bijbelvertalers start een project in de West-Afrikaanse landen Togo en Benin. Het stripboek Jezus Messias wordt om te beginnen vertaald in het Fon en Kabiyè, het werkboek Jezus Messias Dichtbij in eenvoudig Frans. Op dit pilotproject moeten tientallen nieuwe taaledities volgen. Dankzij de digitalisering kan het stripboek nu ook op eenvoudige wijze voor kleine taalgroepen in productie genomen worden.

2006 Oswin Ramaker gaat met pensioen, betrokkenheid Proclama wordt afgerond. De Nederlandse uitgaven worden overgenomen door stichting Opwekking. De internationale projecten worden gecoördineerd door Wycliffe Bijbelvertalers.

2007-2008 Wycliffe Bijbelvertalers brengen verschillende taaledities uit voor bevolkingsgroepen in de West-Afrikaanse landen Togo en Benin. Bisdom Roermond geeft het stripboek in het Limburgs uit, bisdom Breda in het Zeeuws en ook een Friese editie verschijnt.

2008 Ark Media (Amsterdam) brengt een prachtige vernieuwde versie van Jezus Messias Dichtbij op de markt, de complete strip, voorzien van 34 bijbellessen en veel extra informatie, geheel in full colour.

2011 Het Surinaamse Bijbelgenootschap ontwikkelt een project waarbij alle scholieren in Suriname een stripboek krijgen aangeboden in hun eigen taal. Wycliffe Bijbelvertalers breiden het aantal taaledities voor Togo en Benin fors uit, zodat er inmiddels meer dan zestig talen zijn uitgekomen. Jezus Messias Dichtbij wordt uitgebracht in het Frans en Servisch.

2013 Bijna alle taaledities worden gedigitaliseerd en op internet geplaatst. Het stripverhaal kan nu ook gelezen worden in talen die nooit gedrukt werden, zoals het Spaans, Portugees en Roemeens.

2014 Er worden 12 taaledities gedrukt voor India en Bangladesh. Het lezen van het stripboek brengt in sommige dorpen huiskerken op gang.

2016 Het stripboek verschijnt in modern Arabisch (Egypte). In India worden huiskerken gesticht rondom het stripboek. Op internet verschijnt het stripboek in het Mandarijn-Chinees, de meest gesproken taal ter wereld. Het boek laat mensen kennis maken met Jezus op de Malediven, een van de meest gesloten landen voor het evangelie. Er zijn inmiddels meer dan 90 vertalingen gerealiseerd. De oplage van alle boeken samen wordt geschat op minstens 1,4 miljoen exemplaren.

2017 Willem en Marian de Vink richten The Grace Factory op, om het stripboek zelf in het Nederlands uit te geven en beter te kunnen promoten. Er is een expositie van het stripboek in het Museum voor Strips in Rotterdam. Het stripvakblad Stripschrift besteedt aandacht aan Jezus Messias. De honderdste taaleditie verschijnt, het Mandarijn-Chinees.