Vriendschap

Liefde was Gods intentie toen Hij mensen maakte (Zijn lievelingen). Liefde had God op het hart toen Hij Zijn liefdesbrief schreef (de Bijbel). En liefde heeft Hij nog steeds voor ogen als Hij jou ziet (“Onder miljoenen heeft Hij jou op het oog,” zegt een oud lied.). God is liefde. En daarom zal het in jouw leven draaien om de liefde!
 

Je bent gemaakt voor contact. Het is als ademhalen of eten: je kunt niet zonder, of je kwijnt weg. Zoals die jongen uit een krantenbericht. Hij zat al vijf jaar opgesloten in een hondehok van drie vierkante meter. Het kind, vijftien jaar oud, was totaal vervuild en droeg lompen. Zijn ouders waren spoorloos verdwenen toen hij ontdekt werd. Maar de politie kon de jongen niet verhoren: hij had het spreken verleerd en stootte alleen losse klanken uit. Het gebrek aan contact had van hem een wezen gemaakt dat je niet eens kon vergelijken met een dier.

De nieuwe liefde
In het evangelie van Johannes vind je een aaneenschakeling van uitspraken die Jezus doet voordat Hij zal sterven. Zoals zo vaak iemands laatste woorden van grote betekenis zijn, zinderen ook deze gesprekken met Zijn discipelen van zeggingskracht. Hij benadrukt in de hoofdstukken 13 tot en met 17 wat Hij in drie jaar optrekken met Zijn vrienden heeft willen overdragen. En in die laatste woorden noemt Jezus maar liefst 33 keer de liefde!

Wat is liefde? Je denkt dat je liefhebt als je de ander geeft wat je zelf fijn vindt. Dat lijkt positief, maar het omgekeerde is met zo’n instelling ook op z’n plaats: geeft iemand iets dat je niet zint, dan geef je hem hetzelfde terug. In deze vorm van liefhebben ga je van jezelf uit: “Ik behandel jou zoals jij mij behandelt.”
Jezus komt met iets nieuws. “Ik geef je een nieuw gebod: dat je elkaar liefhebt zoals Ik jullie heb liefgehad.” (Joh. 13:34,35) Eerst was je zelf het uitgangspunt van je liefde – nu is Jezus je uitgangspunt om lief te hebben. Die liefde is onafhankelijk van je persoonlijke voorkeur, je beperkingen en buien. De liefde die geworteld is in Jezus is constant en volmaakt (Matt. 5:48, 1Joh. 4:17), omdat Jezus Dezelfde is en blijft (Hebr. 13:8). Die liefde houdt zijn waarde in de eeuwigheid. Als alles op z’n einde loopt, blijft die liefde overeind (1Kor. 13:8).
Daarom moet de liefde van Jezus het hoofdthema zijn in het leven van elk kind van God, het eerste waar hij zich op toelegt, de basis van zijn motieven, de drijfveer van zijn uitlatingen (1Kor. 13). Wie de liefde van Jezus toelaat in zijn leven gaat anders staan tegenover anderen: want zoals Jezus mij liefheeft, ga ik van de ander houden.

Het nieuwe gebod begint bij Jezus. Zoals Jezus mij liefheeft. Hoe dan?
-Op eigen initiatief houdt Hij van mij; het begon en begint steeds opnieuw van Zijn kant (1Joh. 4:19).
-Hij maakte een definitieve keuze voor mij (Joh. 15:16, 2Tim. 2:13).
-Hij gaf Zijn leven voor mij (Joh. 3:16).
-Hij houdt me voortdurend in gedachten en je moet eens weten wat Hij van mij denkt (Jer. 29:11).
-Hij heeft zelfs een troetelnaam voor mij bedacht en dat is ons gemeenschappelijk geheim (Op. 2:17).
-Ja, Zijn volle aandacht gaat voortdurend naar mij uit (2Kron. 16:9)!
Kun je je voorstellen dat ik in Zijn hartverwarmende aanwezigheid een ander mens word?

Vriendschap
Liefde kan uitmonden in vriendschap. Andersom kan vriendschap ook de manier zijn om meer over liefde te weten te komen. Vriendschap is liefde in de praktijk gebracht.
Wat is vriendschap dan? Je bent mijn vriend als je me door en door kent en dan toch nog besluit om mijn vriend te blijven. Echte vriendschap kost veel. Daarom valt echte vriendschap te meten. Hoeveel heb je voor elkaar over gehad?
Maandenlang stond er op de brug over de A2 bij Abcoude in grote witte letters gekalkt: “Coobje kom naar Walter.” Ik vond dat een spannende liefdesverklaring. Zou Walter geen andere manier geweten hebben om Coobje te vragen om bij hem te komen? Was ze soms weggelopen? Of was Walter vergeten te vragen waar Coobje woonde? In ieder geval had Walter zich in allerlei bochten gewrongen om op die brug zijn boodschap voor Coobje bekend te maken. Wat je al niet kunt doen voor vriendschap!

“Bescherm jezelf niet met een schutting, maar omhein je liever met vrienden,” zegt een Tsjechisch spreekwoord. Is er één persoon waar je zomaar en wanneer dan ook kunt binnenvallen? Eén persoon bij wie je je hart kunt uitstorten? Iemand die je toestaat om zich te mengen in het binnenste van je binnenste?
Toen ik indertijd zelf zo bezig was met de betekenis van liefde, raakte ik bevriend met een jongen. Hij vertelde alles aan mij en ik vond mezelf een kei dat ik zoveel vertrouwen bij hem had. Maar hij was helemaal niet tevreden. Op een dag zei hij: “Nu vertel ik jou wel alles, maar jij zegt nooit wat er in jou leeft.” Ik moest nog heel wat leren!
Natuurlijk kan er van alles mis gaan in vriendschappen. Relaties zijn uiterst kwetsbaar. Maar misschien kan Jezus’ voorbeeld ons helpen. Hij noemt ons Zijn vrienden – en Hij geeft er gelijk een tiental richtlijnen bij.

Principes in vriendschap
Hier volgen tien principes voor vriendschap uit Johannes 15:9-17.
1. Gebaseerd op Gods liefde.
“Gelijk de Vader Mij heeft liefgehad, heb ook Ik u liefgehad; blijf in Mijn liefde” (vers 9). God heeft in Jezus laten zien hoeveel Hij van je houdt. Hoe dan? En hoe denkt Hij over je? Jezus’ omgang met jou is de beste inspiratiebron voor jouw omgang met anderen. Als het fijn gaat samen, minder gemakkelijk, teleurstellend: hoe zou Jezus in zo’n geval reageren?
2. Binnen Gods grenzen.
“Indien gij Mijn geboden bewaart, zult gij in Mijn liefde blijven, gelijk Ik de geboden Mijns Vaders bewaard heb en blijf in Zijn liefde” (vers 10). Vriendschap is kwetsbaar en vraagt om bescherming. Die bescherming ligt binnen Gods geboden. Soms kan het zijn dat je een vriendschap af moet breken omdat die niet past binnen Gods grenzen. Ook in vriendschap geldt: eerst naar God luisteren.
3. Blijdschap als bewijs.
“Dit heb Ik tot u gesproken, opdat Mijn blijdschap in u zij en uw blijdschap vervuld worde” (vers 11). Als het onderling goed is, ben je blij. Kijk, daar is vriendschap, want daar is een opgewekte stemming!
4. Jezus als maatstaf (niet de ander).
“Dit is Mijn gebod, dat gij elkander liefhebt, gelijk Ik u heb liefgehad” (vers 12). De maatstaf van jouw omgang met anderen is niet hoe hij of zij is voor jou, maar hoe Jezus is voor jou.
5. Opoffering.
“Niemand heeft grotere liefde dan dat hij zijn leven inzet voor zijn vrienden” (vers 13). Betrokkenheid is in vriendschap niet voldoende; jezelf vergeten, jezelf verliezen toont pas wat vriendschap is. Vriendschap vraagt om volledige toewijding.
6. Vertrouwen.
“Gij zijt Mijn vrienden, indien gij doet wat Ik u gebied” (vers 14). In vriendschap is niets teveel gevraagd. Als de ander je een aanwijzing geeft, ga je ermee aan de slag in het volste vertrouwen dat de ander daarmee het beste met je voor heeft. Walter Trobisch zei: “Alleen degene die echt liefheeft kan gehoorzamen. Alleen degene die gehoorzaamt kan echt liefhebben.”
7. Openheid.
“Ik noem u niet meer slaven, want de slaaf weet niet wat zijn heer doet. Maar u heb Ik vrienden genoemd, omdat Ik alles wat Ik van Mijn Vader gehoord heb, u heb bekend gemaakt” (vers 15). Er wordt openheid van je gevraagd, eerlijkheid, maskers af. Echte vrienden zijn doorzichtig voor elkaar en spreken alles uit, zonder iets achter te houden.
8. Jouw keuze.
“Niet gij hebt Mij maar Ik heb u uitgekozen en u aangewezen” (vers 16a). Vriendschap moet je niet zozeer voelen, maar vooral willen. Vriendschap begint met de keuze een vriend te willen zijn. Die keuze zal nog wel eens herhaald moeten worden om te volharden – maar het was jouw keus; jij wilde het zelf!
9. Doelgericht: voor God.
“Opdat gij zoudt heengaan en vrucht dragen en uw vrucht zou blijven” (vers 16b). Vriendschap wordt klef en klitterig als het een doel in zichzelf wordt: vriendschap om de vriendschap. God heeft een speciale bedoeling met vriendschappen: dat ze vrucht zullen dragen. Daarom moeten vriendschappen naar buiten gericht zijn, samen inzetbaar voor anderen.
10. God werkt in vriendschap.
“Opdat de Vader u alles geve wat gij Hem bidt in Mijn naam” (vers 16c). De grootste vreugde in vriendschap is als je samen ergens voor staat en je ontdekt dat God reageert. God verbindt zich aan vriendschap; het is Gods middel bij uitstek waardoorheen Hij wil werken.
Daarom zegt Jezus nogmaals: “Dit gebied Ik jullie, dat je elkaar liefhebt!” (vers 17).

Vriendschap in de gemeente
Heb elkaar lief! Gods grote gebod is een enorme uitdaging aan het adres van iedere christen persoonlijk. Maar eigenlijk is deze opdracht geadresseerd aan de gemeenteleden gezamenlijk. De gemeente is de plaats waar Gods liefde het beste tot uitdrukking komt, omdat de gemeente Gods middel is om in de wereld te laten zien wat Hem voor ogen staat.
Vriendschap in de gemeente doorloopt verschillende niveaus. Je ziet dat ook in Jezus’ omgang met mensen tijdens Zijn rondgang door Israël.

1. Kennismaken.
In de gemeente hebben we elkaar niet zelf uitgekozen; God bracht ons samen met een bedoeling. We gaan op zoek naar elkaar: vragen brengen het eerste contact op gang.
Net als bij Jezus. Er zijn heel wat individuele kennismakingen van Jezus met voorbijgangers beschreven. Jezus roept Zacheüs uit z’n boom; Hij maakt een praatje met een Samaritaanse vrouw bij een put; Hij laat zich ’s nachts storen door een rabbi. Wat brengen die korte contacten niet teweeg!
2. Jezelf bekendmaken.
Openheid over jezelf maakt veel los. Openheid roept openheid op. De ander kan reageren en je gevoelens bevestigen of aanvullen. Je kunt meer kwijt over: je zwakke plekken; je sterke punten; je meningen; je beslissingen; je doelen.
Ook Jezus houdt geen afstand. Hij deelt voortdurend Zijn leven met de mensen die met Hem optrekken. Hij is voor hen drie jaar lang full-time vriend. Jezus maakt Zijn vrienden deelgenoot van Zijn dieptepunten (zoals in Getsémané). Jezus betrekt Zijn vrienden in Zijn hoogtepunten (zoals tijdens Zijn verheerlijking op de berg). Jezus draagt al Zijn kennis over (“Al wat Ik van de Vader heb, heb Ik jullie bekend gemaakt”). Jezus’ motieven liggen bloot (“Ik heb de Vader lief en doe zoals de Vader Mij geboden heeft”). Jezus is ondubbelzinnig over Zijn doelen (“Ik ben gekomen om wat verloren is te zoeken en te redden”). Kortom, Jezus is ons grote voorbeeld in openheid en vertrouwen. Toch kan vriendschap nog meer betekenen dan openheid en vertrouwen…
3. Vriendschap die elkaar beïnvloedt.
Er is een vorm van vriendschap die een compleet ander mens van je kan maken, als je bereid bent door elkaar veranderd te worden. Het vraagt veel vertrouwen om inmenging, aanpassing en verandering toe te laten. Maar als dat er is, spreek je jezelf helemaal uit en ben je doorzichtig voor elkaar. Je hebt de bedoeling om zoveel mogelijk van elkaar over te nemen. Je bidt samen, je spreekt elkaar aan op fouten, je luistert naar elkaar en probeert te proeven hoe God erover denkt. Op die manier ben je een voortdurende stimulans voor elkaar om te veranderen naar het beeld van Jezus.
We herkennen de diepgaande invloed die Jezus had in het leven van Zijn vrienden: ze werden er compleet andere mensen door. Maar we mogen ook gerust stellen dat de invloed van mensen in het leven van Jezus grote gevolgen had. Het was Zijn liefde voor ons waarom Hij Zijn leven gaf.

Het niveau van Jezus
Een vriendschap waarin je verandert bereik je lang niet met iedereen. Toch denk ik dat iedereen die Jezus oprecht wil volgen minstens één relatie op dit niveau zou moeten kennen om meer begrip te krijgen van de liefde zoals Jezus die bedoeld heeft.
Idealisme? Niet als de Bijbel het zo aangeeft.
Waar kun je beginnen? Daar waar je bent, maar wel op je knieën. Want ik besef dat ik nog bar veel te leren heb. Maar ik weet waar ik de moed vandaan kan halen om verder te gaan. Ik vind de inspiratie in mijn omgang met Jezus. Hij doet me voor hoe ik met anderen om moet gaan en Hij geeft me de veerkracht om tegenslagen te verwerken en door te werken aan een open, gevende houding. Telkens opnieuw stel ik mijzelf de vraag: zoek ik het niveau van Jezus in mijn vriendschap?

“Vriendschap is één ziel in twee lichamen,” zei Aristoteles. Toch is vriendschap in de gemeente geen doel op zichzelf. Als Jezus de liefde die er bestaat tussen God de Vader en Zijn Zoon projecteert op de gemeente, zegt Hij: “Opdat zij allen één zijn, zoals U Vader in Mij en Ik in U… opdat de wereld gelove!” (Joh. 17) Wij zijn in de gemeente aan elkaar gegeven om samen een beter beeld van God te krijgen én om dat beeld dóór te geven (Ef. 3:10,21)! Als de basis gelegd is om open te staan voor verandering, wordt vriendschap een middel in Gods hand om Jezus’ eigenschappen in elkaar te stimuleren, zodat Zijn wezen door ons heen beter zichtbaar wordt in onze omgeving. Liefde als teken van Gods aanwezigheid in de wereld. De gemeente waarin van Jezus aan elkaar wordt uitgedeeld zal in eenheid naar Hem toegroeien (Ef. 4:15,16). Zoiets kan niet verborgen blijven. Het is Jezus in ons samen, zichtbaar geworden in de liefde, die de wereld zal overtuigen. Let maar op!

Willem de Vink