Evgeny Vuchetich – Worden zwaarden ooit ploegscharen?


De Bijbel schetst een doembeeld waarin wilde dieren de stad overnemen. Maar onze verbeelding wordt ook gevoed met het beeld van een stad waarin ouderen in vrede op de pleinen zitten te keuvelen, terwijl kinderen voor hun voeten spelen. We hebben weinig verbeeldingskracht nodig om de ellende die mensen elkaar aandoen voor ons te zien; de beelden dringen zich aan ons op als vloedgolven. Maar het alternatief wordt ons ook aangereikt. Het kan beslist anders, als we ons door de visoenen die de Bijbel schetst laten leiden.

De Verenigde Naties hebben zich ooit door een toekomstbeeld uit de Bijbel willen laten inspireren. Er werd in 1959 voor het VN-hoofdkantoor in New York een beeld van de Oekraïnse beeldhouwer Yevgeny Vuchetich geplaatst. Een geschenk van de Sovjet-Unie aan alle landen die daar vertegenwoordigd waren.
Je ziet een man steunend op een kromgetrokken zwaard, de hij plat slaat met een hamer. Het stelt een wensdroom voor uit Jesaja 2. Op de muur erachter staat op het VN-gebouw in koeienletters dat de zwaarden tot ploegijzers zullen worden omgesmeed en de speren tot snoeimessen. ‘Geen volk zal nog het zwaard trekken tegen een ander volk,’ lezen we. ‘Dan zullen we de oorlog niet meer leren.’

De oorlog niet meer leren: dat gaat over opvoeden. Het gaat over gezinnen. Het verwijst naar een verhaal dat nieuwe generaties hoop moet geven.
Wat beters kunnen oude generaties hun kinderen en kleinkinderen geven? Het verbeeldt hoe we een begin kunnen maken met de woorden van Jezus: ‘Heb je vijanden lief.’

Vuchetich was een gelauwerde beeldhouwer uit de Sovjet-tijd. Hij hielp mee aan de opbouw van een heroïsche Sovjet-cultuur en maakte talloze werken van militaire figuren en gebeurtenissen. Ironisch genoeg kreeg juist hij de opdracht om na de Tweede Wereldoorlog de zo gewenste wereldvrede te verbeelden. Maar hij kwam dan ook uit een Joods-christelijk milieu en was bekend met de Bijbel, ondanks  de anti-religieuze omgeving waarin hij werd opgeleid.

Inmiddels zijn we weer terug bij wat mensen altijd al heeft voortgedreven. Geen wensdromen van vrede, maar hebzucht, haat en geweld. Meer dan honderd landen mochten in het flikkerlicht van een helder moment in de wereldgeschiedenis een beeld van een Oekraïner onthullen dat door Russen geschonken was. Maar nu? Welke beelden slokken op dit moment onze aandacht op?

We zouden ons voorstellingsvermogen moeten koesteren als onze kostbaarste grondstof, kostbaarder dan goud, palladium of lithium. Met ons voorstellingsvermogen kunnen we een intuïtieve waarneming opvangen van iets dat buiten onszelf ligt, wat vreugde oproept en tot ontzag leidt: het besef van vrede, schoonheid, liefde, volmaaktheid. Als we ons daarmee voeden kan dat misschien ook ons gedrag beïnvloeden.

God stuurt beelden om verlangens bij ons los te maken waarmee Hij ons tot zich roept. Ze maken ons ervan bewust dat we in zijn tegenwoordigheid thuishoren, om van daaruit ons eigen leven en heel de samenleving op te bouwen. Maar de verbeelding is om zeep gebracht door het cynisme van onze hebzucht en haat. Ook de Verenigde Naties hebben het laten afweten. De wereldleiders hebben het laten afweten. De kerkleiders. De activisten. De thuisblijvers. De vaders en moeders.
Maar God laat het niet afweten. Wonderlijk genoeg zullen de beelden die Hij heeft geschetst de geschiedenis overleven. Het zijn kenmerken van een nieuwe hemel en een nieuwe aarde. Intussen blijft Hij ons voorstellingsvermogen ermee voeden. Wat Jesaja schreef nam Micha over. En Jezus maakte er een afbeelding van aan het kruis. De Openbaring profeteert dat Hij ooit door alle naties, alle volken, stammen en talen als een geslacht Lam zal worden aanbeden. In zijn wonden worden zwaarden omgesmeed tot ploegijzers en speren tot snoeimessen.

Doorlezen: Zacharia 8:4-5; Jesaja 2:4; Micha 2:2; Lucas 6:27; Openbaring 5:6; 7:9-10.

Yevgeny Vuchetich (1908-1974): Let us beat our swords into plowshares, 1959, beeldhouwwerk in brons, 2.75 meter hoog, New York, Verenigde Staten van Amerika.

Willem de Vink