Discipelschapshuizen voor studenten

door Willem de Vink, juni 2007

Grote kantoorpanden kunnen omgebouwd worden tot studentenflats. Zo’n studentenconcentratie kan ingezet worden voor intensieve discipelschapstraining. Stel je voor: studentenflats worden discipelschapshuizen, waar elk jaar tientallen goed getrainde potentiële young-professionals uitzwermen…

Ik zie onder christen-jongeren twee opmerkelijke ontwikkelingen. De een is vrij recent en logenstraft het idee dat het onder hen allemaal draait om consumptie. Ik constateer namelijk een toenemende honger naar genade en waarheid. Jongeren willen weten in wie ze geloven en wat ze geloven. Ze vragen om een gezond Godsbeeld en zelfbeeld om daarmee de wereld tegemoet te treden. Ze willen Jezus volgen. Daar willen ze graag in getraind worden, niet vanuit methodes, maar vanuit het gezag van Gods Woord, gerelateerd aan de praktijk van het dagelijks leven in relaties en werk. Ze hebben dat nodig om in de wereld sterk te staan en dat weten ze. Daarnaast signaleer ik de vraag naar ondersteuning door ouderen. Studenten noemen die coaches of mentoren, maar feitelijk bedoelen ze geestelijke vaders en moeders.

Het is niet moeilijk om in deze twee ontwikkelingen mogelijkheden te zien voor discipelschap. Jezus gaf ons de opdracht om over de hele wereld discipelen te maken, die hun nieuw geboren leven uitwerken door te doen wat Hij heeft gezegd. Maar een wekelijkse studie of kring volstaan niet. In het versnipperde leven van studenten is zoiets te vrijblijvend. Zo maak je geen discipelen. We hebben intensievere vormen nodig.

Dan is er nog een behoefte onder jongeren, die heel banaal lijkt, maar wellicht een sleutel vormt om op een intensieve manier studenten te betrekken in discipelschap. Er is een landelijk probleem rond jongerenhuisvesting. Studenten zoeken woonruimte. Als ze geluk hebben vinden ze die in studentenhuizen. Ik zie mogelijkheden om de behoeften aan discipelschapsvorming en woonruimte te combineren in ‘discipelschapshuizen’.

Jongeren hebben dus behoefte aan:

  • Identiteit gefundeerd in Gods genade en gerechtigheid
  • Geestelijke voeding en vorming
  • Een plek om te wonen

 Discipelschapshuizen kunnen dat bieden.

Hoe zou dat gerealiseerd kunnen worden?

Christen-zakenmensen stellen panden in universiteitssteden beschikbaar. Eén of meerdere echtparen gaan er wonen als gastgezin. Leraren geven op gezette tijden het evangelie van genade door. Ouderejaars begeleiden jongerejaars in hun vorming.

 

Plan discipelschapshuizen

In het discipelschapshuis stromen uitsluitend eerste jaars studenten in, waar vier jaar in geïnvesteerd kan worden. Zij worden stevig geselecteerd en gaan een commitment aan dat ze in huis twee jaar een discipelschapsprogramma doorlopen. Dat kost ze twee dagen in de week een uur (naast persoonlijke bijbelstudie). De gastgezinnen geven die training, of coaches en leraren vliegen in om die te geven. Een dag in de week is er een gezamenlijke maaltijd met alle bewoners waar de ‘huisraad’ plaatsvindt. Het trainingsprogramma in dit eerste jaar draait om het fundament van genade.

Tweede jaars studenten krijgen op dezelfde manier training, maar worden ook gestimuleerd om naar buiten gericht te zijn. Het is een vorm van leiderschapstraining om zelf discipelen te maken.

Derde jaars moeten het huis uit om te midden van medestudenten te leven die God niet kennen. Zij worden nog steeds vanuit het discipelschapshuis gecoacht en krijgen additioneel training. Zij worden zelf coaches van jong-gelovigen, liefst in dezelfde studierichting op de faculteit of in de discipelschapshuizen.

Vierde jaars worden gecoacht en voorbereid om hun ervaring mee te nemen in de praktijk van hun beroep. Er ontstaan op het gebied van discipelschap beroepsnetwerken.

Mogelijk komen er in universiteitssteden in heel Europa van deze discipelschapshuizen en kan er uitwisseling plaatsvinden, wat internationale netwerken oplevert en een meerwaarde geeft die ook na de studie z’n uitwerking kan hebben, bijvoorbeeld in de beroepspraktijk. Bedenk ook dat er studenten van over de hele wereld in Nederland studenren. Zij kunnen in discipelschapshuizen opgenomen worden, om na hun studie alles waarin ze gevormd mee te nemen naar hun eigen land.

Studenten die dit missionaire discipelschapsporgramma hebben doorlopen zijn klaar om zelf van invloed te zijn in hun beroep, zij kunnen als coach of leraar gaan meedraaien in discipelschapshuizen, in hun kerk een celgroep leiden, of een gemeente stichten.

Discipelschapshuizen bieden mogelijkheden om generaties bij elkaar te brengen. De gastgezinnen, coaches en leraren moeten stevig gefundeerd zijn in de genade, omdat studenten dat fundament nodig hebben om niet te vervallen in eigen gerechtigheid. Zij moeten graag geloof investeren in jongeren en vrij zijn van verbittering of cynisme. Zij moeten zelf doordrongen zijn van de zekerheid van het geloof om jongeren te kunnen aanmoedigen.

Huisvestingsmogelijkheden

Huisvesting lijkt misschien een probleem. Toch zijn er mogelijkheden om aan ruimte voor studenten te komen. In het Utrechtse Stadsblad las ik een opmerkelijk bericht. In de wijk Oog in Al krijgen 150 jongeren onderdak in een voormalig kantoorpand. Een landelijke primeur, honderd procent self supporting, gerealiseerd door twee jongeren die daarvoor Stichting Tijdelijk Wonen in het leven riepen. Zij bouwden met de eerste bewoners 4969 m2 kantoorruimte om tot 140 kamers met huurprijzen tussen de 200 en 400 euro. Het pand was binnen een week verhuurd – Utrecht telt dan ook een tekort van 2000 kamers.

Om even in Utrecht te blijven: daar is 1 op de 6 inwoners student (50.000 jongeren). 1000 daarvan zijn betrokken in christelijke verenigingen. Stel dat we in een universiteitsstad als Utrecht beginnen met een discipelschapshuis waar we jaarlijks 100 jongeren kunnen trainen in het volgen van Jezus. Of 500 studenten in een discipelschapshuis in Amsterdam of Rotterdam. Wat een invloed zou er van zo’n huis na tien jaar uit gaan…